In artikel 172 Gemeentewet is de grondslag in de vorm van een wettelijke bepaling geregeld. In lid 1 van dit artikel staat dat de burgermeester is belast met de handhaving van de openbare orde. Handhavers uit domein I worden hiervoor ingezet om lokaal toezicht te houden op en het handhaven van de openbare orde om, de leefbaarheid en veiligheid van alle inwoners en bezoekers van de gemeente te waarborgen. Hiervoor mogen handhavers ook handhaven in openbare inrichtingen.
De handreiking
De handreiking beschrijft als eerste de landelijke en lokale ontwikkelingen van de afgelopen jaren. Hier wordt onder andere beschreven dat handhavers steeds meer taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden in de openbare ruimte krijgen en in openbare ruimte. Bijvoorbeeld vanaf 2014 waarbij handhavers bij horecagelegenheden mocht controleren. Taken van de politie komen ook steeds vaker bij handhavers te liggen. Bijvoorbeeld de handhaving van de pilot seksuele intimidatie en de uitbreiding verkeersbevoegdheden. Ook stelt de politie vaker geen capaciteit beschikbaar voor bepaalde taken waardoor de vraag naar gemeentelijke toezicht toeneemt. Tegelijkertijd gaat de verwachting van de veiligheid van de maatschappij omhoog waardoor uniforme uitstraling en uitrusting van de handhavers steeds belangrijker wordt. Uit de resultaten van een enquête gehouden door de VNG blijkt dat er gemiddeld één handhaver (1 fte) per 3500 inwoners beschikbaar is.
In deze handreiking staan ook de organisatorische voorwaarden en verplichte documenten van een handhavingsorganisatie beschreven. Voor specifieke opleidingseisen verwijzen we naar het document: Kwaliteit en opleiden gemeentelijke BOA’s.
Verder wordt er ingegaan op de regionale als lokale taakstelling en worden de handhavingstaken per niveau beschreven waarbij de beschikbare capaciteit kan worden toegekend en gerangschikt. De mate van diversiteit en onvoorspelbaarheid van de werkzaamheden spelen hierbij een belangrijke rol. Dit is terug te zien in verschillende werkzaamheden die de handhavers hebben, zowel proactief als reactief. Handhavers voeren proactief toezicht uit in verschillende gebieden van de gemeente waar zij bijvoorbeeld contact met inwoners onderhouden, overtredingen signaleren en oppakken. Reactief reageren handhavers op meldingen van burgers die bij de gemeente binnen komen. Deze meldingen hebben betrekking op de openbare ruimte en onder andere horeca waarbij onderzoek en soms handhavend optreden nodig is.
Gemeenten kunnen door middel van beleid prioriteren welke werkzaamheden voorrang hebben. Dit komt aan bod in het hoofdstuk prioriteiten & capaciteit. Door de vele taken en beperkte capaciteit (lees fte’s) is het belangrijk dat de inzet van handhavers wordt geprioriteerd. Voor deze prioritering kan er gebruik worden gemaakt van een risicoanalysemodel die het effect en de kans van een overtreding met elkaar vermenigvuldigt waardoor het risico in kaart kan worden gebracht. Het effect wordt beoordeeld op basis van de volgende zes pijlers: verstoring van de openbare orde, aantasting van de fysieke leefomgeving, sociale veiligheid, volksgezondheid, financieel-economisch belang en bestuurlijk imago. De kansmogelijkheid wordt per overtreding bepaald waarbij 1. geen kans dat de overtreding plaatsvindt, is tot 5. zeer grote kans dat de overtreding plaatsvindt. Deze vermenigvuldiging leidt tot een risicobeoordeling van laag (5 of lager), gemiddeld (5 tot 10) of hoog (10 of hoger). Hoe hoger de score van de risicobeoordeling, hoe hoger de prioriteit voor de gemeente is. Bij een hoge prioriteit zou er intensief gehandhaafd, proactief en repressief gehandeld en gefocust op integrale samenwerking met ketenpartners, moeten worden. Bij een gemiddelde prioriteit zou er minder intensieve maar gerichte periodiek toezicht, wijkgericht toezicht en waar mogelijk integrale samenwerking met ketenpartners, moeten worden gehouden. Bij een lage prioriteit zou er bij excessen repressief gehandhaafd moeten worden, wijkgericht toezicht en projectmatige inzet plaatsvinden. De uiteindelijke risicobeoordeling kan samen met het Integraal Veiligheidsplan (IVP) en het Coalitieakkoord als uitgang dienen voor de prioritering.
De handreiking is vooral bedoeld om lokaal optimaal maatwerk te kunnen maken. Een naslagwerk om inzicht te hebben over handhaving anno nu. In de bijlagen van de handreiking zijn invulbare schema’s opgenomen waarmee de gemeenten zelf aan de slag kunnen Het beleid en de uitvoering vraagt immers om afstemming met de verschillende afdelingen, teams en ketenpartners. Daarbij ondersteund deze handreiking, het IVP dat wordt opgesteld zodat de gemeente sturing kan geven aan de regie op het gebied van lokale veiligheid.