Er werd ons de vraag gesteld: mag een toezichthouder een woning betreden?
Om antwoord te krijgen op deze vraag moeten we eerst kijken naar de basis: wat is een toezichthouder en welke bevoegdheden heeft een toezichthouder? Dit staat allemaal in hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht (afgekort: Awb). In artikel 5:11 Awb staat wat onder toezichthouder wordt verstaan: een persoon, bij of krachtens wettelijk voorschrift belast met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift.
De persoon moet dus, als toezichthouder, zijn aangewezen voor een wet om hier toezicht op te kunnen houden. Deze aanwijzing gebeurt door het bevoegd gezag, zoals bijvoorbeeld een burgemeester of een college van burgemeester en wethouders.
Artikel 5:15 Awb voorziet de toezichthouder van de bevoegdheid om elke plaats te betreden, met uitzondering van een woning zonder toestemming van een bewoner. Het huisrecht is een grondwettelijk beschermd recht (artikel 12 Grondwet). Alleen als het bij wet is geregeld mag daar inbreuk op worden gemaakt.
Een wet moet het betreden van een woning zonder toestemming van de bewoner dus expliciet toestaan. Voorbeelden hiervan zijn de Algemene plaatselijke verordening (artikel 6:3), de Drank- en Horecawet (artikel 42), de Huisvestigingswet 2014 (artikel 34), de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (artikel 5.13) en straks ook de Omgevingswet (artikel 18.7).
Algemene wet op het binnentreden
Bij het binnentreden van een woning is altijd de Algemene wet op het binnentreden (afgekort: Awob) van toepassing. Op grond van de Awob moet een toezichthouder zich legitimeren en het doel van binnentreden melden aan de bewoner (artikel 1, lid 1, Awob). Daarnaast moet de toezichthouder een machtiging hebben als hij geen toestemming van de bewoner heeft gekregen (artikel 2, lid 1, Awob). Hoe deze machtiging eruit moet zien is bepaald in de Regeling vaststelling model machtiging tot binnentreden.
De machtiging wordt in het geval van een toezichthouder afgegeven door de burgemeester (artikel 3, lid 2, Awob). Na het binnentreden moet er door de toezichthouder schriftelijk verslag worden opgemaakt.
Conclusie
Een toezichthouder mag dus, als de wet het toestaat en aan de wettelijke eisen wordt voldaan, een woning betreden. Het is belangrijk om als toezichthouder te weten wat je vervolgens binnen mag doen, wat er nog meer in de Awob staat en wat je in het verslag moet vermelden. Om gemeenten hierbij te ondersteunen kan BHBW een workshop “Algemene wet op het binnentreden voor toezichthouders” verzorgen.